Coronahulp actie Moerwijk in uitzending Nieuwlicht

In de uitzending van Nieuwlicht afgelopen dinsdag was er aandacht voor de Coronahulp actie in Moerwijk. Bettelies Westerbeek en Henny van der Most vertellen over wat de coronacrisis voor gevolgen heeft voor een wijk zoals Moerwijk, de armste wijk van Den Haag.

Daarnaast zijn er nog een aantal mooie voorbeelden van ‘de kerk in actie’ te zien. Kijken dus!

Over de uitzending Corona in de kerk
Nadat de kerkdiensten vorig weekend razendsnel in online vieringen werden omgezet, komen veel gelovigen in actie om anderen te helpen en te steunen, mensen die in deze crisis kwetsbaar zijn. Maar hoe kun je steun geven in deze tijden van ‘social distancing’, als je kerkgebouw op slot zit? In Harderwijk maken vrijwilligers van de Fonteinkerk maaltijden voor Harderwijkers die de deur niet uit kunnen. De kerken in Rijnsburg steunen de kwekers en bloemenhandelaren die hun hele omzet zagen verdwijnen. Tegelijk worden de onverkochte bloemen naar kwetsbare ouderen gebracht. In Den Haag helpt pionier Bettelies Westerbeek de allerarmsten nu de voedselbank dicht is. In Den Bosch lopen gelovigen de jaarlijkse ‘noveen’ naar soete lieve Maria in de Sint Jan om zich te bezinnen op deze coronacrisis. En we spreken de pastoor van de hardst getroffen kerk, in Uden.

Kijk hier de uitzending van NieuwLicht Corona in de Kerk terug.
Het item met Bettelies en Henny van der Most van de Pit van Moerwijk is vanaf 16 minuut 58 te bekijken.

Over de Coronahulp actie voor de Voedselbank in Moerwijk
Voedselbank Moerwijk Voedselpakket Krat met eten coronahulp actie Geloven in Moerwijk Moerwijk Cooperatie Pit van Moerwijk Marcuskerk PG de Drieklank PGM Cypreskerk

In Moerwijk wonen veel mensen die afhankelijk zijn van de Voedselbank, leven van weekgeld of gewoon moeite hebben de eindjes aan elkaar knopen. Voor hun wordt het de komende tijd met alle Corona maatregelen extra moeilijk. Daarom zijn Geloven in Moerwijk, de diaconie van de Marcuskerk (PG de Drieklank) , de Cypreskerk , de Moerwijk Coöperatie en de Pit van Moerwijk deze Coronahulp actie gestart.

De Gemeente Den Haag/Voedselbank Haaglanden verstrekken sinds kort boodschappenbonnen van de Jumbo ter waarde van €15. Dat is mooi meegenomen maar niet genoeg om als gezin boodschappen te doen. Zeker nu alle huismerken gehamsterd zijn. Daarom willen we dat aanvullen/verdubbelen. Daar hebben we dus geld voor nodig.
De afgelopen week hebben we 150(!) gezinnen aan eten kunnen helpen!

Help ons helpen!

Doneren kan eenvoudig en veilig via deze link: https://bunq.me/CoronahulpGiM

Doneren kan natuurlijk ook door uw gift via uw eigen bank over te maken naar NL 18 BUNQ 203 572 02 14 tnv onze (steun)stichting Pionieren in Moerwijk onder vermelding van ‘Donatie Voedselbank Moerwijk’

Het geld komt op een speciale rekening van onze Steunstichting Pionieren in Moerwijk en zal gebruikt worden voor de Voedselhulp in Moerwijk. Stichting Pionieren in Moerwijk geeft een ANBI status en giften zijn daarom aftrekbaar.

Geeft u liever praktisch? Handzeep, handgel, houdbare levensmiddelen zijn ook van harte welkom.

Heb je vragen of juist een aanbieding? Neem dan contact op met:
Bettelies: Bel, sms of Whatsapp 06 24 86 16 71 of stuur een mail naar pastor@geloveninmoerwijk.nl
Neo       :  Bel, sms of Whatsapp 06 34 196 796 of stuur een mail naar neo@moerwijkcooperatie.nl
Henny   :  Bel, sms of Whatsapp 06 43 18 49 86 of stuur een mail naar hennyvandermost@gmail.com

Lees op de speciale Coronahulp actie pagina meer hierover>>

Omdat ik al van ver kom, is niets me te veel

Een onschuldige inenting werd ontwerper Omar Munie (29) twee jaar terug bijna fataal. Na een lange revalidatieperiode voelt de Moerwijker zich gezegend dat hij weer kan doen wat hij het allerliefste doet. Omar heeft namelijk nog genoeg dromen die hij wil najagen.


 

Omar stond in 2013 op het punt naar Tanzania te reizen. Het Afrikaanse land waar hij als negenjarige jongen met zijn broertjes en zus een tussenstop maakte op zijn vlucht uit zijn thuisland Somalië zou hij echter niet bereiken. “Ik ging voor een gele koortsprik naar het ziekenhuis, maar dat ging helemaal verkeerd”, vertelt hij. De inenting leidde tot een allergische reactie waardoor zijn nierfuncties uitvielen en van de ene op de andere dag werd Omar een ‘patiënt’. “Ik was in een keer uitgeschakeld door een eiwitprobleem, van top naar flop. Twaalf dagen heb ik in coma gelegen waarna ik opnieuw moest leren lopen en praten, eigenlijk moest ik alles weer leren”.

‘Een uitkering wilde ik niet. Ik heb altijd voor mezelf gezorgd.’

De nieuwe nier die Omar kreeg sloeg aan, maar alle vanzelfsprekendheden van voor het incident waren weggevallen. Zijn bedrijf dat exclusieve tassen maakt die door bekendheden als Hillary Clinton, Jane Fonda en Oprah Winfrey worden gedragen, wilde hij echter niet loslaten. “Er werd me gevraagd of ik een uitkering wilde, maar dat wilde ik niet. Ik heb eigenlijk altijd voor mezelf gezorgd. Ook toen ik naar Nederland kwam, heb ik alles altijd zelf gedaan. Er was namelijk niemand anders die het deed”.

‘Ik runde mijn bedrijf gewoon vanuit het ziekenhuis. Ik had daar toch alle tijd’

Zo goed als kon, heeft Omar zelfs tijdens zijn revalidatie ‘gewoon’ doorgewerkt. Hij meent dat het hem enorm heeft geholpen met iets anders dan zijn ziekte bezig te kunnen zijn. “Ik runde mijn bedrijf gewoon vanuit het ziekenhuis. Ik had daar toch alle tijd. Het kriebelde, ik wilde weer aan de slag en dat ging ik ook. Terwijl ik eigenlijk in bed moest blijven, stond ik alweer lezingen te geven. Omdat ik al van ver kom, is niets me te veel”.

Dankbaarheid

Omar is weliswaar ‘back to business’ maar helemaal de oude zal hij nooit meer worden. “Ik besef meer dan ooit welke rijkdom ik heb, niets of niemand kan me meer kleineren. Ik realiseer me nu nog beter dat je moet leven als mens en dat familie en vrienden belangrijk zijn. Mede door Angela, mijn nierdonor, heb ik een nieuwe kans gekregen waar ik heel dankbaar voor ben”.

Elke twee maanden gaat Omar bij haar op bezoek in Limburg, waar Angela woont. “Dat is een stukje dankbaarheid. Zonder haar was ik er niet meer geweest”. Een andere routine die bij zijn nieuwe bestaan hoort, is de gang naar het ziekenhuis voor dialyse, het zuiveren van de nieuwe nier. Het hoort er inmiddels allemaal bij voor Omar die vooral blij is dat hij weer op eigen kracht naar zijn atelier in de Binckhorst kan om na een werkdag weer terug te gaan naar zijn huis in Moerwijk. “Op mijn zeventiende verkocht ik al tassen aan Macy’s, een groot Amerikaans warenhuis, en vloog ik voor een weekend naar New York. Dat is allemaal fantastisch en ik geniet er elke dag van, maar een goede gezondheid is uiteindelijk het belangrijkst in het leven”.

Foto: Jurriaan Brobbel

Wijknet heeft een wereld voor ons geopend

Bewoners en professionals die in Moerwijk actief zijn, komen maandelijks bij elkaar voor een overleg van Wijknet. Anderhalf uur wordt er gepraat, daarna gaan de handen direct weer uit de mouwen. Er is namelijk genoeg werk aan de winkel. Hélène Bakker is er stee-vast bij: “Die anderhalf uur per maand is het zeker waard!”.

In Wijknet zitten medewerkers van zorg- en welzijnsinstellingen en woningcorporaties, ambtenaren van de gemeente Den Haag, wijkagenten maar ook creatieve ondernemers. Die laatste groep noemt Hélène, begeleider bij Middin, een ‘waardevolle toevoeging’. “Onze doelgroep, mensen met een licht verstandelijke beperking, is een kwetsbare. Doordat creatieven steeds actiever worden in Moerwijk en mooie projecten organiseren, openen ze voor onze cliënten ook werelden”, vertelt ze.

Door Wijknet heeft Hélène meer zicht gekregen op wat er allemaal gebeurt in Moerwijk en zijn er korte lijnen tussen de professionals ontstaan. Dat maakt dat de professionals elkaar snel kunnen informeren over problemen, maar ook over nieuwe initiatieven. “We helpen elkaar, dat helpt de wijk”.

Lang hoeft Hélène niet na te denken over een goed voorbeeld van hoe Wijknet voor Middin zichzelf heeft bewezen. “Een paar jaar geleden waren we op zoek naar manieren om onszelf zichtbaarder te maken in de wijk. Daarover raakten we in gesprek met Annelies de Groot van Stichting Mooi die ons daarbij heeft geholpen”.

Resultaat

Op het resultaat van die Wijknet-samenwerking is Hélène bijzonder trots. “Middin heeft een Trefpunt aan het Heeswijkplein. Dat is een plek waar mensen terechtkunnen voor een praatje en advies, maar ook kunnen cliënten en mensen uit de wijk er samen eten. We zien dat het werkt, want ook de wijkverpleegkundige en wijkagent komen er langs. Dat maakt dat het contact met de mensen laagdrempelig is”.

Voor de cliënten van Middin verwacht Hélène dat Wijknet de komende jaren nog veel meer kan betekenen. Want als er evenementen en activiteiten worden georganiseerd, kunnen cliënten volgens Hélène op hun manier een steentje bijdragen door mee te helpen. “Organisaties als de onze zijn nu veel meer naar buiten gericht dan vroeger. Wijknet heeft een hele wereld voor ons geopend. Het helpt enorm dat je elkaar sneller kunt vinden en in principe staan we altijd open voor samenwerkingen. Verbindingen zijn namelijk belangrijk, zeker voor Moerwijk”.

Fotografie: Jurriaan Brobbel

Krachten bundelen

Interview met wethouder Baldewsingh

Moerwijk kent nogal wat ‘uitdagingen’. Daar weet wethouder Rabin Baldewsingh onderhand alles van. Als stadsdeelwethouder Escamp is hij sinds 2006 verantwoordelijk voor onder andere Moerwijk. Daar is volgens de bestuurder de afgelopen jaren behoorlijk wat verbeterd, maar hem is duidelijk dat Moerwijk er nog lang niet is. Baldewsingh wil ‘gefocust’ korte metten maken met de grootste problemen: veiligheid, leefbaarheid en werkloosheid.


 

Op het gebied van gezondheid, werkloosheid, huisvesting en veiligheid is er in Moerwijk nog veel te verbeteren. Daar windt wethouder Baldewsingh geen doekjes om. Alhoewel hij niet blind is voor de problemen kijkt hij met een positief gevoel terug op wat er de afgelopen jaren is bereikt. Baldewsingh: “De uitdagingen zijn soms hardnekkig. Toch zie ik dat er vooruitgang is geboekt. Dat stemt me optimistisch”.

PvdA’er Baldewsingh presenteerde eerder dit jaar (2015) met zijn collega-wethouders Van Engelshoven (D66) en Klein (CDA) een groot actieplan om de werkloosheid in Den Haag te bestrijden. Van dit plan moeten volgens hem ook Moerwijkers kunnen profiteren, iets wat goed uitkomt. Want, uit de laatste cijfers van het CBS (juni 2015) blijkt dat 155 van de 1000 mensen in Moerwijk een bijstandsuitkering heeft; 45 van de 1000 hebben een WW-uitkering. Daarmee behoort Moerwijk, met de Schilderswijk, tot de twee Haagse wijken met het hoogste percentage langdurig werklozen.

In totaal trekt de gemeente 68 miljoen euro uit om Hagenaars aan het werk te helpen. Baldewsingh: “Het banenplan is voor de hele stad, maar misschien moet er wel een speciaal actieplan komen voor Zuid-West. Daarin zou dan aandacht moeten zijn voor het opleiden van jongeren. Ook moeten we kijken hoe er leerwerkplekken zijn te realiseren en zullen we ondernemers, van bijvoorbeeld de Businessclub Escamp, moeten mobiliseren om in Moerwijk aan de slag te gaan. Daarbij zie ik kansen voor stadslandbouw in Moerwijk, dat kan banen opleveren”.

Gezonder

Een ander belangrijk onderdeel van de armoedebestrijding die Baldewsingh voor ogen heeft, is het te lijf gaan van de gezondheidsproblemen in Moerwijk. Dat is hard nodig, want Moerwijk staat te boek als ‘de ongezondste wijk van Nederland’. Die weinig eervolle titel dankt Moerwijk aan een onderzoek van RTL Nieuws naar declaraties bij zorgverzekeraars. Mede door de aanwezigheid van veel zorginstellingen in Moerwijk is de som van declaraties groot. Baldewsingh: “We weten dat de gezondheidsproblemen groot zijn; financiële en economische problemen gaan hand in hand met psychische en lichamelijke klachten. Daarbij zijn er ook veel tochtige woningen die de gezondheid ook niet ten goede komen. De sociale wijkteams, corporaties en de zorginstellingen zijn daar gezamenlijk mee bezig. Het is echt een ‘en-en-en partnerschip’, alleen dan kan het werken. Als gemeente willen we ervoor zorgen dat mensen meer gaan bewegen, zodat ze fitter worden: fysiek en mentaal”.

Groener

Om de woningcorporaties te stimuleren hun huizen in Moerwijk op te knappen, werkt Baldewsingh samen met zijn wethouder Joris Wijsmulller (Haagse Stadspartij) die over de sociale woningbouw gaat. “Wijsmuller zal prestatieafspraken maken met de corporaties en ze op die manier uitdagen”, stelt Baldewsingh. Die wil op zijn beurt ervoor zorgen dat omgeving waarin de woningen staan schoner, groener én veiliger wordt. “De ondergrondse vuilafvalcontainers hebben al effect gehad. Er is veel minder rommel, ook wordt het groen beter onderhouden. Maar eerlijk is eerlijk: het is niet altijd even proper. Er zal meer moeten worden gehandhaafd en portieken moeten worden opgeknapt. Ook zijn er ideeën om de wijk te vergroenen. Neem bijvoorbeeld het Heeswijkplein. Dat heeft nu nog een versteende uitstraling, ik wil dat het een park van allure wordt”.

Ondanks de ‘hardnekkigheid’ van de problemen in Moerwijk houdt Baldewsingh moed. Zo is hij hoopvol dat de overlast in en rondom de Jan Luykenlaan kan worden verminderd en dat de inbraakcijfers met meer preventie omlaag kunnen worden gebracht. “Ik heb niet de illusie dat het met één druk op de knop is opgelost. We moeten aan de slag, dat is duidelijk. Maar door de aanwezige krachten in het gebied met elkaar te verbinden en gefocust problemen aan te pakken, ben ik ervan overtuigd dat we Moerwijk met elkaar omhoog kunnen trekken”.

‘De uitdagingen zijn soms hardnekkig. Toch zie ik vooruitgang. Dat stemt me optimistisch’

Fotografie: Roos Trommelen

Met Buurtsportvereniging keert ADO terug naar ‘achtertuin

Warmlopen voor een partijtje in het Zuiderpark

Het Zuiderpak was jarenlang de thuisbasis van voetbalclub ADO. Maar nadat de club in 2007 verhuisde naar het moderne Kyocera Stadion liet ADO een gat achter. Dat beseft ook Michel Kouer van ‘ADO in de Maatschappij’. Die stichting wil ervoor zorgen dat ADO zijn ‘oude achtertuin’ Moerwijk weer warm laat lopen voor een partijtje in het Zuiderpark en start in september met de ‘Buurtsportvereniging Het Zuiderpark’.


In het Zuiderpark rijden shovels druk heen en weer op de plek waar ADO ooit zijn velden had, met op de achtergrond Moerwijk. “Hier werd getraind, tegenwoordig doet het eerste elftal dat in het stadion. Onze jeugd is wel altijd in het Zuiderpark blijven trainen”, vertelt Michel. Zelf speelde hij hoog bij de amateurs, als rechtsback, maar tegenwoordig houdt hij zich bezig met talentenscouting én de Buurtsportvereniging Het Zuiderpark. “Als club willen we wat terugdoen voor Moerwijk. We zien het als onze maatschappelijke verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat jongeren gaan sporten. Moerwijk is namelijk lang onze achtertuin geweest, maar sinds de club naar het Kyocera Stadion is verhuisd, hebben we er te weinig gedaan. Dat willen we veranderen”.

De sportvereniging is bedoeld voor jongeren tussen de 13 en 17 jaar oud. Niet de makkelijkste leeftijdscategorie, weet ook Michel. “Er zijn dan heel veel leuke dingen te doen, maar wij willen ze aan het sporten krijgen. Dat kan alleen door goede begeleiders voor de groep te zetten. Ze moeten namelijk wel het gevoel hebben dat ze echt iets leren, anders haken ze af. Naast professionals worden ook HALO-studenten (Haagse Hogeschool) ingezet die zo ervaring kunnen opdoen”.

Samenspel

Door samenwerking met de Haagse Hogeschool en ROC Mondriaan moet naast kwaliteit ook de betaalbaarheid van de vereniging worden gegarandeerd. “We weten dat we te maken hebben met een doelgroep die het niet breed heeft. We proberen de contributie daarom zo laag mogelijk te houden: voor 35 euro sport je een heel schooljaar, steeds in blokken van 8 weken. Helemaal gratis maken, heeft niet onze voorkeur. Op het moment dat er moet worden betaald, al is het maar een klein bedrag, heb je meer betrokkenheid. Als iets gratis is, ga je er anders mee om. En elke euro is hier echt wel iets waard”.

De leden van Buurtsportvereniging Moerwijk zullen overigens het eerste jaar aan de andere kant van de Melis Stokelaan aan de slag gaan. “De Sportcampus moet in het najaar van 2016 klaar zijn, tot die tijd gebruiken we de velden van het Roemer Visscher College”, vertelt Michel terwijl hij ernaartoe wandelt. “Hier beginnen we in september, leerlingen van de school krijgen straks allemaal sportles via de buurtsportvereniging”.

Daarmee is de buurtsportvereniging gegarandeerd van zo’n 400 leden, maar Michel streeft naar meer. “Uiteindelijk willen 600 jongeren hebben die sporten. Ze zullen niet alleen voetballen, maar ook zelfverdedigingssporten als boksen en judo staan op het programma. Het zijn sporten die discipline vereisen, dat is voor ons een belangrijk criterium”.

Rolmodellen

Michel verwacht dat het aanbod sporten snel wordt uitgebreid met dans, maar weet dat voetbal zonder enige twijfel op de meeste interesse kan rekenen. “Ze zullen echt niet allemaal de nieuwe Messi worden, maar we zullen ervoor zorgen dat iedereen op zijn niveau de beste training krijgt. Wie wat minder talent heeft, plaatsen we niet in een groep met hele goede voetballers. Dat demotiveert namelijk. Daarbij is het de bedoeling dat ook de profs van ADO clinics gaan geven. We hebben gemerkt dat spelers als rolmodel veel invloed kunnen hebben. Een tijdje terug was ik bij een clinic waar ADO-spelers Malone en Zuiverloon samen met jongeren regels opstelden; hun leraren waren ervan onder de indruk dat ze drie kwartier ademloos hebben geluisterd. Als spelers met jongeren praten over wat mag, zie je dat het echt aankomt”.

Met de sportactiviteiten denkt Michel jongeren in Moerwijk een nuttige tijdbesteding te bieden en teamgeest en discipline te kweken. Bovenal hoopt de projectleider dat jongeren plezier zullen hebben in ‘het spelletje’. “Ik zie wel eens ploegjes die met 14-1 achterstaan, maar toch met z’n allen de bal uit het doel halen als er is gescoord om zo snel mogelijk weer af te trappen. Dat laat zien dat ze plezier hebben én een sporters-mentaliteit!”.

Meer info
www.adodenhaag.nl/maatschappelijk
Fotografie: Jurriaan Brobbel

Op zoek naar een nieuwe roeping in Moerwijk

De Marcuskerk

Steeds harder galmt de roep om verandering door de kerk, maar over hoe die vorm moet krijgen tasten de meeste kerken vooralsnog in het duister. Om antwoorden te vinden, stuurde de protestantse gemeente waartoe de Marcuskerk behoort Bettelies Westerbeek naar Moerwijk. Daar onderzoekt deze missionair pionier hoe de ‘nieuwe kerk’ kan werken. Want alhoewel kerkbanken leeg blijven, geloven kerken niet dat de rol van God helemaal is uitgespeeld.


Bettelies (31) vertegenwoordigt een nieuwe generatie predikanten. Die weet dat het water aan de lippen staat van de kerk en spant zich in voor verandering van het instituut. “Je ziet dat overal kerken dichtgaan en dat niemand ze zal missen, behalve de mensen van de kerk zelf. Vorm en taal staan ver af van de mensen, terwijl de kerk juist een belangrijke functie kan hebben. Duidelijk is dat het oude concept van de kerk niet meer werkt en dat we op zoek moeten naar onze roeping in deze tijd”.

Die opdracht heeft Bettelies vorig jaar naar Den Haag gebracht; ze verruilde haar baan bij een ‘blanke yuppenkerk’ in Utrecht voor een pioniersplek in het hart van Moerwijk. “Ik kende de stad alleen van het Malieveld waar ik wel eens heb gedemonstreerd. Toen ik deze functie tegenkwam, was ik meteen enthousiast. Ik heb tijdens mijn reizen in Afrika en Azië gezien dat kerken van maatschappelijke waarde kunnen zijn. Het leek me interessant naar manieren te zoeken om zo’n connectie ook in Moerwijk te realiseren”.

Het eerste jaar in Moerwijk is Bettelies goed bevallen, al waarschuwden eerste indrukken voor een zwaar jaar. “De cijfers over armoede en werkloosheid in Moerwijk kende ik. Daar kun je heel bang van worden, maar door met mensen uit de wijk te praten werd alles een stuk normaler. Dat neemt niet weg dat ik geschrokken ben van de armoede; mensen worden hier omringd door problemen”.

Aandacht

Panklare oplossingen voor de problemen heeft MarcusConnect niet in petto. Toch gelooft Bettelies dat ze Moerwijkers iets te bieden heeft. “Vaak is er de verwachting dat we op het materiële vlak iets kunnen betekenen. Dat is wel lastig omdat kerken het ook niet breed hebben. Maar we doen wat we kunnen. Zo organiseren we buurtmaaltijden — mensen betalen wat ze kunnen missen — en bieden een oor. Ook hebben we een buurttuin waar iedereen welkom is. Het lijkt soms alsof we weinig kunnen doen, maar voor sommigen betekent contact op zich al heel veel. En wanneer we zien dat iemand professionele hulp nodig heeft, verwijzen we die persoon door”.

De Marcuskerk aan de Jan Luykenlaan moet wat Bettelies betreft een rustpunt zijn in een wijk met sores. In het aanjagen van verbindingen binnen de wijk ziet Bettelies een belangrijke taak weggelegd. “Het gaat er ons niet om op zondagochtend een volle kerk te hebben, MarcusConnect organiseert zelf geen kerkdiensten. Als blijkt dat daar behoefte aan is, zullen we dat misschien wel gaan doen. Het is niet zo dat als je bij ons komt voor een maaltijd dat we de deur op slot doen en je dwingen over Jezus te praten. Ons doel is namelijk niet om iedereen tot geloof te brengen. Natuurlijk kun je bij ons wel over geloofszaken praten, maar er komen ook genoeg mensen die het gewoon leuk vinden om tafelvoetbal te spelen”.

‘Ondanks alle moeilijkheden zijn mensen hier best gelukkig’

Zelf put Bettelies wel veel kracht uit het geloof. Dat helpt de prediktante bij haar missie om als kerkorganisatie van betekenis te zijn voor de wijk en sterkt bovendien haar overtuiging dat er ‘hoop’ is voor Moerwijk. “Het mooiste zou zijn als mensen hier zelf de regie kunnen voeren over hun levens. Want ondanks alle moeilijkheden zijn mensen hier best gelukkig. Ik heb het vertrouwen dat er de komende jaren in Moerwijk écht iets kan ontstaan”.

Meer moestuinen in Moerwijk
De tuin van de Marcuskerk is omgetoverd tot een plek waar groente, fruit en planten groeien en bloeien. Dat is wel eens anders geweest. “Het was een schimmige plek”, omschrijft Bettelies. Met hulp van de gemeente Den Haag en Duurzaam Moerwijk wist ze buurtbewoners te mobiliseren iets goeds te doen met het stuk grond. “Op veel manieren is de tuin symbolisch voor hoe we in Moerwijk werken. Door samen met de buurt groenten en fruit te kweken, ontstaat letterlijk nieuw leven. Het is ook een ontmoetingsplaats. We zaaien er dingen waarvan we nog niet weten hoe groot het zal worden. Het helpt ook dat er in Moerwijk veel mensen wonen die in hun thuisland gewend waren zelf voedsel te verbouwen”. Het project krijgt naar alle waarschijnlijkheid in 2016 een vervolg. Zo moet er een markt komen waar alle gewassen uit de tuin te koop zijn en worden op meer plekken in Moerwijk moestuinen aangelegd in binnentuinen. Fonds1818 zal daarbij een belangrijke partner zijn. “Als fonds ondersteunen we maatschappelijke initiatiefnemers en proberen we ze uit te lokken. Dat doen we ook in Moerwijk, één van de wijken in Den Haag waar het stukken beter kan. Onze ervaring is dat buurttuinen een positief effect hebben op de omgeving omdat ze voor het groen belangrijk zijn en de sociale cohesie bevorderen. Samen in de aarde wroeten schept namelijk een band”, aldus fondsdirecteur Boudewijn de Blij.

Update:
MarcusConnect is inmiddels Geloven in Moerwijk gaan heten en heeft zich inmiddels tot een heuse huis+tuin+keuken=kerk ontwikkeld

Meer info
www.marcuskerk-denhaag.nl 
www.facebook.com/marcusconnect 
www.fonds1818.nl
Adres Marcustuin: Jan Luykenlaan 92a
Fotografie: Jurriaan Brobbel

‘Wijknet heeft een wereld voor ons geopend’

Bewoners en professionals die in Moerwijk actief zijn, komen maandelijks bij elkaar voor een overleg van Wijknet. Anderhalf uur wordt er gepraat, daarna gaan de handen direct weer uit de mouwen. Er is namelijk genoeg werk aan de winkel. Hélène Bakker is er steevast bij: Die anderhalf uur per maand is het zeker waard!.

In Wijknet zitten medewerkers van zorg- en welzijnsinstellingen en woningcorporaties, ambtenaren van de gemeente Den Haag, wijkagenten maar ook creatieve ondernemers. Die laatste groep noemt Hélène, begeleider bij Middin, een ‘waardevolle toevoeging’. “Onze doelgroep, mensen met een licht verstandelijke beperking, is een kwetsbare. Doordat creatieven steeds actiever worden in Moerwijk en mooie projecten organiseren, openen ze voor onze cliënten ook werelden”, vertelt ze.

Door Wijknet heeft Hélène meer zicht gekregen op wat er allemaal gebeurt in Moerwijk en zijn er korte lijnen tussen de professionals ontstaan. Dat maakt dat de professionals elkaar snel kunnen informeren over problemen, maar ook over nieuwe initiatieven. “We helpen elkaar, dat helpt de wijk”.

Lang hoeft Hélène niet na te denken over een goed voorbeeld van hoe Wijknet voor Middin zichzelf heeft bewezen. “Een paar jaar geleden waren we op zoek naar manieren om onszelf zichtbaarder te maken in de wijk. Daarover raakten we in gesprek met Annelies de Groot van Stichting Mooi die ons daarbij heeft geholpen”.

Resultaat

Op het resultaat van die Wijknet-samenwerking is Hélène bijzonder trots. “Middin heeft een Trefpunt aan het Heeswijkplein. Dat is een plek waar mensen terechtkunnen voor een praatje en advies, maar ook kunnen cliënten en mensen uit de wijk er samen eten. We zien dat het werkt, want ook de wijkverpleegkundige en wijkagent komen er langs. Dat maakt dat het contact met de mensen laagdrempelig is”.

Voor de cliënten van Middin verwacht Hélène dat Wijknet de komende jaren nog veel meer kan betekenen. Want als er evenementen en activiteiten worden georganiseerd, kunnen cliënten volgens Hélène op hun manier een steentje bijdragen door mee te helpen. “Organisaties als de onze zijn nu veel meer naar buiten gericht dan vroeger. Wijknet heeft een hele wereld voor ons geopend. Het helpt enorm dat je elkaar sneller kunt vinden en in principe staan we altijd open voor samenwerkingen. Verbindingen zijn namelijk belangrijk, zeker voor Moerwijk”. 

Foto: Jurriaan Brobbel

‘Omdat ik al van ver kom, is niets me te veel’

Een onschuldige inenting werd ontwerper Omar Munie (29) twee jaar terug bijna fataal. Na een lange revalidatieperiode voelt de Moerwijker zich gezegend dat hij weer kan doen wat hij het allerliefste doet. Omar heeft namelijk nog genoeg dromen die hij wil najagen. 

Omar stond in 2013 op het punt naar Tanzania te reizen. Het Afrikaanse land waar hij als negenjarige jongen met zijn broertjes en zus een tussenstop maakte op zijn vlucht uit zijn thuisland Somalië zou hij echter niet bereiken. “Ik ging voor een gele koortsprik naar het ziekenhuis, maar dat ging helemaal verkeerd”, vertelt hij. De inenting leidde tot een allergische reactie waardoor zijn nierfuncties uitvielen en van de ene op de andere dag werd Omar een ‘patiënt’. “Ik was in een keer uitgeschakeld door een eiwitprobleem, van top naar flop. Twaalf dagen heb ik in coma gelegen waarna ik opnieuw moest leren lopen en praten, eigenlijk moest ik alles weer leren”.

De nieuwe nier die Omar kreeg sloeg aan, maar alle vanzelfsprekendheden van voor het incident waren weggevallen. Zijn bedrijf dat exclusieve tassen maakt die door bekendheden als Hillary Clinton, Jane Fonda en Oprah Winfrey worden gedragen, wilde hij echter niet loslaten. “Er werd me gevraagd of ik een uitkering wilde, maar dat wilde ik niet. Ik heb eigenlijk altijd voor mezelf gezorgd. Ook toen ik naar Nederland kwam, heb ik alles altijd zelf gedaan. Er was namelijk niemand anders die het deed”.

Zo goed als kon, heeft Omar zelfs tijdens zijn revalidatie ‘gewoon’ doorgewerkt. Hij meent dat het hem enorm heeft geholpen met iets anders dan zijn ziekte bezig te kunnen zijn. “Ik runde mijn bedrijf gewoon vanuit het ziekenhuis. Ik had daar toch alle tijd. Het kriebelde, ik wilde weer aan de slag en dat ging ik ook. Terwijl ik eigenlijk in bed moest blijven, stond ik alweer lezingen te geven. Omdat ik al van ver kom, is niets me te veel”.

Dankbaarheid

Omar is weliswaar ‘back to business’ maar helemaal de oude zal hij nooit meer worden. “Ik besef meer dan ooit welke rijkdom ik heb, niets of niemand kan me meer kleineren. Ik realiseer me nu nog beter dat je moet leven als mens en dat familie en vrienden belangrijk zijn. Mede door Angela, mijn nierdonor, heb ik een nieuwe kans gekregen waar ik heel dankbaar voor ben”.

Elke twee maanden gaat Omar bij haar op bezoek in Limburg, waar Angela woont. “Dat is een stukje dankbaarheid. Zonder haar was ik er niet meer geweest”. Een andere routine die bij zijn nieuwe bestaan hoort, is de gang naar het ziekenhuis voor dialyse, het zuiveren van de nieuwe nier. Het hoort er inmiddels allemaal bij voor Omar die vooral blij is dat hij weer op eigen kracht naar zijn atelier in de Binckhorst kan om na een werkdag weer terug te gaan naar zijn huis in Moerwijk. “Op mijn zeventiende verkocht ik al tassen aan Macy’s, een groot Amerikaans warenhuis, en vloog ik voor een weekend naar New York. Dat is allemaal fantastisch en ik geniet er elke dag van, maar een goede gezondheid is uiteindelijk het belangrijkst in het leven”.

Foto: Jurriaan Brobbel